Datum
14 november 2019

Hoe voed ik mijn bodemleven?

De beste mogelijkheden om kringlopen te sluiten liggen op je eigen bedrijf.


Speerpunten zijn:
- Produceer zoveel mogelijk organische stof (stro, groenbemesters) en/of voer dit aan (mest, compost, bokashi, bij voorkeur uit de regio).
- Denk aan de C/N verhouding!
- Bind zoveel mogelijk stikstof (zaai vlinderbloemigen, verhoog organische stof%)
- Voorkom verliezen (door een goede bodemconditie, zoals goede doorworteling)

Organische stof in de bodem is cruciaal, want dit zorgt voor:
- Structuurverbetering.
- Toename vochtvasthoudend vermogen.
- Binding van voedingsstoffen en bestrijdingsmiddelen.
- Stimulering van het bodemleven en de bodemvormende processen.
- Verbetering van doorworteling.
- Vermindering van erosie en uitspoeling.

Vragen die je jezelf moet stellen om doelgericht te werken aan opbouw van organische stof:
- Wat wil je verbeteren?
- Wat produceer je zelf aan organische stof, in welke kwaliteit?
- Wat en in welke kwaliteit voer je aan?

Het microbioom (ecosysteem van bacteriën, schimmels en ander bodemleven) past zich qua samenstelling aan bij het soort mest/voedsel dat wordt aangeboden (vergelijk spijsvertering mens). In een levenloze bodem kan zich binnen 3-5 seizoenen weer een vitaal, biodivers microbioom ontwikkelen, door meerdere keren per jaar in beperkte hoeveelheden organische stof aan te voeren (bij voorkeur dezelfde soort organische stof). Of het daarbij enten met schimmels en/of bacteriën dit vitaliseringsproces kan versnellen is niet duidelijk (Coen ter Berg betwijfelt of dit zin heeft).

Graaf minstens 1x per jaar een profielkuil op 1 of 2 plekken binnen een perceel, om te kijken hoe de bodem er voor staat. Doe dat in ieder geval een keer midden in het groeiseizoen. Let op fysische en biologische kenmerken zoals
o De manier waarop kluiten uit elkaar vallen en/of gebroken worden
o Aggregatie/pakking/menging van de grond door lijmstoffen afkomstig van bodemleven
o Compactie/structuurbederf: zitten er verharde, verslempte lagen in het profiel? Hoe diep? Kunnen de wortels daar doorheen? Blijft er water op staan? (dat moet eerst weg!)
o Resten van groenbemesters en ander organisch materiaal: hoe zijn ze verteerd? Indien slecht, was er voldoende zuurstof en/of N aanwezig in het profiel?
o Doorworteling: Hoe diep ontwikkelen de wortels? Zijn er oude wortelgangen waarlangs nieuwe wortels kunnen groeien? Zitten er voldoende dieper wortelende gewassen in het bouwplan (zoals granen)?
o Aanwezige wormen en andere met het blote oog herkenbare bodembeestjes
o Luchtigheid en verkruimeling van de grond: poriën. Ruik ook aan de grond of je geen rotte eierenlucht ruikt (t.g.v. anaerobe omstandigheden).
o Andere Indirecte kenmerken van bodemleven activiteit zoals wormenpoep/humus

Bij vochtstagnatie ten gevolge van verdichting: voer water z.s.m. af met greppeltjes naar de watergangen. Het bodemleven sterft namelijk door zuurstoftekort af binnen 1-2 dagen. Draineer het betreffende perceel(deel) met buizen in drainagezand op of net onder de diepte van de verdichte laag (aanleg met kettinggraver). Bijvoorbeeld eerst om de 10 meter en na 3-4 jaar opnieuw om de 3-4 meter. Indien nodig eerst de verdichte laag lostrekken.