'Ik kies voor loslopend vee, dat doet me veel meer…’

Als medewerker van Innovatie Veenkolonien ben ik erg nieuwsgierig hoe een boer regelgeving en wetten die op hem afkomen in de praktijk brengt en wat dat allemaal met zich meebrengt. Maar ook hoe een boer in z’n algemeenheid de dialoog aangaat met zijn omgeving. Dit zowel met gelijkgestemden, als met de ‘gewone’ burger. Om me hiervan een beeld te vormen ga ik de aankomende periode zelf akkerbouwers bevragen hoe zij dit doen. In deze nieuwsbrief het derde interview in deze serie, namelijk met Jos Steenhuis, een agrariër met vleesvee en akkerbouwland.



Vergroeningsochtend
Het is vrijdagochtend 1 december, de grote zaal bij innovatiecentrum in Valthermond stroomt langzamerhand vol. Belangstellenden voor de resultaten van de vergroeningsexperimenten nemen een kopje koffie en zoeken een plekje om de presentaties te volgen. Zo ook Jos. Hij vindt groenbemesting de normaalste zaak van de wereld en past dit ook zoveel mogelijk toe. Tijdens de presentaties stelt hij regelmatig een vraag. Door zijn betrokkenheid word ik al snel nieuwsgierig hoe Jos denkt over de verschillende thema’s en vraag hem of ie mee wil werken aan een interview. Zonder aarzelen laat hij zijn gegevens achter en een paar weken later zitten wij in de keuken van zijn boerderij in Barger-Compas ontspannen te praten over koetjes en kalfjes, letterlijk.


Op vakantie
Jos runt samen met zijn medewerker en stagiair zijn bedrijven: hij heeft ongeveer 80ha voor vleesvee en ruim 80ha akkerbouw waarop hij zetmeelaardappelen, suikerbieten, graan, mais (voor het vee) verbouwt. Daarnaast verbouwt hij voor het derde jaar soja voor menselijke consumptie. Verrast door de mededeling over zijn vleesvee vertelt Jos eerst daarover: ‘Al sinds jaar en dag heb ik vleesvee. In het begin alleen mannelijk vee, die ik kon laten lopen op natuurgebied van Staatsbosbeheer. Een prachtig gezicht, heel natuurlijk in plaats van jaarrond op stal. De kwaliteit van het vee is ook beter, mooi schraal vlees met weinig vet. De slager is er blij mee! Twee jaar geleden heeft Staatsbosbeheer het beleid verandert en mag er alleen vrouwelijk vee lopen, een verzekeringskwestie. Toen heb ik moeten aanpassen, ik heb nu per jaar twee keer 30 runderen die op vakantie gaan naar het natuurgebied! Het is nog een beetje aftasten hoe het zich bedrijfsmatig ontwikkeld, misschien kunnen ze wel twee keer op vakantie, haha…’

Op stal groeit vee namelijk veel sneller, in het natuurgebied gaat dat een stuk minder snel. De dames gaan van mei t/m oktober naar het natuurgebied, daarna gaan ze op stal om verder te groeien. Het mannelijke vee was dan vervolgens rond juni klaar voor de slacht, maar het vrouwelijk vee groeit minder snel, dus het kan zijn dat Jos de dames nog een cyclus houdt en dan kunnen ze voor een tweede keer het natuurgebied in. Uiteraard in overleg met de afnemer. De allerlaatste optie is om het vee een heel jaar lang op stal te houden, maar zo ver is het nog lang niet; ‘ik kies voor loslopend vee, dat doet me veel meer…’


Onzekerheid
De laatste tijd is de veehouderij in het nieuws vanwege de fraude bij dierregistratie om met als doel om de melkveestapel kleiner te doen lijken dan feitelijk het geval is. Voor Jos is het afwachten welke consequenties dit heeft voor zijn bedrijf: ‘Het kan maar zo zijn dat ik mijn hele stapel moet inleveren. Ik heb namelijk geen fosfaatrechten opgebouwd. Mijn vrouwelijke dieren heb ik voor het vlees en niet voor de melk. Na het beëindigen van de melkquotum is de melkveesector gegroeid en niet de rundvleessector. Binnenkort hebben we een vergadering met de sector om te kijken hoe het er voor staat en wat we kunnen.’


Groenbemesting
Jos gebruikt al voor dat regelgeving van kracht werd, groenbemesters. ‘Ik wil zoveel mogelijk organische stof in grond krijgen om de bodem goed te houden. Dat is voor mij de belangrijkste reden. Na het combinen zaai ik vrijwel direct een groenbemester in. Tagetes is voor mij te lastig omdat deze vroeg gezaaid moet worden. Ik kies voor Bladrammanas of Japanse haver afhankelijk van de aaltjes in de bodem. Dit levert een redelijk gewas op en in december ploeg ik het om. Belangrijkste reden voor mij om dit te doen is het toevoegen en het op peil houden van de organische stofgehalte, maar wat in de toekomst nog belangrijker gaat worden is het vastleggen van CO2 in de bodem. Dat kan ook met groenbemesters, zoals Staatsbosbeheer doet met bos. Dat kunnen boeren ook met hun gewassen doen!’

 

Politiek
Waar andere agrariërs zich meer toeleggen op de grote lijnen van het verhogen en verbeteren van opbrengsten, gaat Jos nog een stapje verder. Hij wil details weten. De verandering van het klimaat zorgt er voor dat er anders moet worden gedacht. Jos vertelt enthousiast: ‘Ik maak onderdeel uit van een werkgroep bij de Nederlandse Akkerbouw Vakbond waarbij er een tool wordt ontwikkeld zodat je inzage krijgt hoeveel CO2 vastgehouden kan worden met je bouwplan. Alle keuzes die we nu maken hebben invloed op de toekomst. Wat is bijvoorbeeld voordeliger: zelf voer verbouwen/kopen in de regio of dit via import laten doen? Het klimaatverdrag dat in Parijs is ondertekend, is van invloed op mijn bedrijfsvoering, maar op dit moment ken ik de details niet. Daar ben ik nieuwsgierig naar, ik wil details weten.’

 

Kleinzoon
Tijdens het gesprek komt kleinzoon Gijs (2) een kijkje nemen. Uiteraard krijgt het gesprek de wending ‘hoe zie je de toekomst?’. Glimlachend zet Jos Gijs in de kinderstoel, geeft hem een boekje en vertelt: ‘Mijn opa heeft het gebied ontgonnen, al voor de oorlog. Mijn vader heeft het bedrijf voortgezet met vleesvee en akkerbouw. Op 20 jarige leeftijd ben ik begonnen met werken op de boerderij. Op dit moment is er geen opvolger voor mijn bedrijf, alle kinderen doen nu iets compleet anders. Maar je weet het niet, misschien verandert de interesse nog en willen ze alsnog het bedrijf overnemen.’

 

Innovatie
Eens per jaar wordt via de Nederlandse Akkerbouw Vakbond een bijeenkomst georganiseerd voor het veenkoloniale gebied om het jaar door te nemen. Veelvuldig contact met collega-boeren komt er niet van, want: ‘vanaf het voorjaar is het vooral goan’. Maar als er iets is, kan Jos bij collega-boeren terecht. Innovatie is een belangrijk onderdeel van de bedrijfsvoering, waarbij hij zich meer richt op details op het gebied van klimaat dan op bijvoorbeeld precisielandbouw. ‘GPS is voor mij niet rendabel, ik laat door een loonwerker de bieten zaaien en de aardappels poten. Die forse investering krijg ik er niet uit en heel eerlijk? Ik kan wel recht rijden!’

 

Dames op stal
Na het interview lopen we naar de stal om daar een foto te maken. Gijs is ook mee en wil wel met opa op de foto. De dames in de stal kijken nieuwsgierig wie er binnenkomen en verheugen zich op het kleine hapje dat Jos ze toewerpt. Gijs moet nog even wennen, maar al snel heeft hij de handigheid onder de knie en werpt de bix naar de koeien. Na een ontspannen en zeer leerzame ochtend keer ik terug naar mijn bureau. Het vak is lang niet zo simpel als veel mensen denken Er is nog zoveel te ontdekken, en Jos heeft me weer veel laten zien. Bedankt daarvoor, Jos!


Door: 
​Marjan van Delden
& Rieke Grooten